- Turkije
In haar wekelijkse toespraak in het parlement heeft Tülay Hatimoğulları, medevoorzitter van de DEM-partij, uitgebreide kritiek geuit op de politieke en sociale situatie in Turkije. Ze riep op tot een vastberaden herstart van het vredesproces, een terugkeer naar de rechtsstaat en concrete maatregelen tegen sociale ongelijkheid, onderdrukking en culturele uitsluiting.
Hatimoğulları herinnerde in haar inleiding aan de aanhoudende misstanden in de aardbevingsgebieden sinds 6 februari 2023. Tienduizenden mensen leven nog steeds in containers en de staat was de eerste dagen nauwelijks aanwezig. Ze had kritiek op het uitblijven van hulpmaatregelen voor kleine bedrijven, de elektriciteitsvoorziening en het gebrek aan transparantie over het gebruik van aardbevingsbelastingen.
Ook over de economische situatie nam ze duidelijk stelling: de sociale crisis verscherpt zich, het aantal ontslagen neemt toe, de armoede groeit. Bovendien eiste ze onmiddellijke opheldering over de banden van Turkse actoren met de Epstein-dossiers, die onlangs in het openbaar waren besproken.
Vredesproces: tijd voor stappen, niet voor verklaringen
De kern van haar toespraak was echter de oproep tot een politieke doorstart in het Turks-Koerdische vredesproces. Volgens Hatimoğulları heeft de staat geen excuus meer om aarzelend te handelen. Er wordt gewerkt aan een ontwerpverslag van de parlementaire “Commissie voor nationale solidariteit, broederschap en democratie”, dat concrete wettelijke en politieke kaders moet scheppen.
“Vrede is geen doel dat na democratie wordt gerealiseerd. Het moet tegelijkertijd met democratie groeien”, verklaarde de politica. Daartoe behoren de afschaffing van het gedwongen bestuur in Koerdische gemeenten en het herstel van afgezette burgemeesters, wettelijke regelingen voor minderheidstalen, in het bijzonder het recht op onderwijs in de moedertaal, en de erkenning van gelijkwaardig burgerschap, ongeacht afkomst of religie.
Vrede betekent ook dat ballingen en gevangenen weer in het politieke leven moeten worden opgenomen, benadrukte Hatimoğulları. Mensen die vanwege hun politieke activiteiten gevangen zitten, moeten worden vrijgelaten. Ze verwees daarbij expliciet naar de Koerdische vertegenwoordiger Abdullah Öcalan, die ze een van de “centrale figuren” van het vredesproces noemde, en eiste dat hem een “recht op hoop” moest worden toegekend.
Maatschappelijke vrede alleen met de rechtsstaat
Daarnaast riep Hatimoğulları op tot volledige uitvoering van de uitspraken van het Turkse Constitutionele Hof en het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM). De rechtsstaat is volgens haar een basisvoorwaarde voor duurzame vrede. Vrede betekent ook persvrijheid, vrijheid van meningsuiting en vrijheid van godsdienst – met name religieuze gelijkheid voor alevieten en andere minderheden. De staat moet ervoor zorgen dat niemand zich nog als “tweederangsburger” hoeft te voelen.
“Vrede is geen machtsinstrument”
Tot slot richtte de DEM-voorzitter zich rechtstreeks tot de regering: “Vrede kan niet van bovenaf worden opgelegd of tactisch worden ingezet. Vrede ontstaat door democratie, recht en vrijheid, niet door controle, onderdrukking of politieke spelletjes.” Er is nu zichtbare verandering en een geloofwaardige ommezwaai naar politiek evenwicht nodig, zei ze. Haar partij is bereid om elke verantwoordelijkheid op zich te nemen om deze weg mede vorm te geven.