Ter gelegenheid van Wereldmilieudag op 5 juni heeft de uitvoerende raad van de Unie van Koerdische Gemeenschappen (KCK) opgeroepen tot een grotere inzet tegen milieuvernietiging en de plundering van hulpbronnen. In een verklaring noemde de overkoepelende organisatie van de Koerdische bevrijdingsbeweging de ecologische crisis een van de belangrijkste uitdagingen van deze tijd en riep zij op om de bescherming van de natuur en de levensvoorwaarden te zien als een maatschappelijke en politieke taak.
De KCK herinnert eraan dat Wereldmilieudag teruggaat op de eerste internationale milieuconferentie van de Verenigde Naties in 1972. Meer dan vijf decennia later is de ecologische crisis echter verder verscherpt. Internationale klimaatakkoorden worden niet nageleefd, terwijl de opwarming van de aarde, milieurampen, bewapening, industriële vervuiling en de toenemende controle over water, energie en landbouwgrondstoffen voortschrijden.
Kritiek op het kapitalistische economische model
In haar verklaring stelt de KCK vooral het mondiale economische en machtssysteem verantwoordelijk voor de ecologische crisis. De kapitalistische moderniteit zou gebaseerd zijn op uitbuiting, grenzeloze groei en de commercialisering van natuurlijke hulpbronnen. Hierdoor zouden zowel de natuur als de samenleving tot het uiterste van hun draagkracht zijn gedreven. De organisatie waarschuwt bovendien voor de ecologische gevolgen van oorlogen en geopolitieke conflicten. Met name de strijd om energiebronnen en grondstoffen zou de vernietiging van het milieu en leefgebieden verder hebben versneld. Mocht de huidige ontwikkeling aanhouden, dreigt een verdere verscherping van de mondiale crisis.
„Ecologische strijd is geen optie meer”
De KCK bekritiseert tegelijkertijd symbolische vormen van milieu-engagement. Het volstaat niet om één keer per jaar de aandacht te vestigen op milieuproblemen of louter de gevolgen van de crisis te benoemen. In plaats daarvan moet de strijd tegen de oorzaken van de ecologische vernietiging worden gevoerd. Volgens de organisatie moet de ecologische beweging zich sterker richten tegen de politieke en economische structuren die milieuvernietiging veroorzaken. Gezien de omvang van de crisis is ecologisch verzet geen vrijwillige keuze meer, maar een noodzaak.
„De ecologische crisis heeft een omvang bereikt die de ecologische strijd niet langer tot een kwestie van keuze, maar tot een kwestie van noodzaak maakt“, zo staat in de verklaring.
Koerdistan als „zone van ecologische vernietiging“
De KCK legt de nadruk op de situatie in Koerdistan. De organisatie spreekt van een al decennia durende “ecologische vernietigingsoorlog”, die parallel aan militaire en politieke maatregelen tegen de Koerdische bevolking wordt gevoerd. "Van Efrîn via Behdînan tot Botan, Serhed en Rojhilat zijn bossen vernietigd, dorpen ontvolkt en natuurlijke leefgebieden aangetast door stuwdamprojecten, mijnbouw, energiecentrales en andere grootschalige projecten. ” De KCK beschouwt deze ontwikkelingen niet als op zichzelf staande milieuproblemen, maar als onderdeel van een breder beleid van controle, verdrijving en economische uitbuiting. Volgens de organisatie hebben talrijke projecten ertoe geleid dat mensen hun bestaansmiddelen hebben verloren, dat armoede en migratie zijn toegenomen en dat hele regio’s zijn ontvolkt.
Oproep tot verzet
Tegen deze achtergrond roept de KCK op om milieukwesties te beschouwen als onderdeel van maatschappelijke en democratische strijd. Elke ontbossing, elke onteigening van watervoorraden, elk mijnbouw- of stuwdamproject moet worden gezien als een inbreuk op het recht op leven. “Elke plek waar onze bossen worden gekapt, onze velden en waterbronnen worden geroofd, elke plek waar stuwdammen, energiecentrales of mijnen ontstaan, moet een plek van verzet voor het recht op leven worden”, verklaarde de organisatie. Ze roept milieu-initiatieven, lokale gemeenschappen en democratische krachten op om zich te organiseren tegen projecten die de natuur en de bestaansmiddelen vernietigen. De bescherming van water, bodem en bossen is tegelijkertijd een strijd voor maatschappelijke zelfbeschikking en de toekomst van komende generaties.